Eucharistieviering 08-11-2020

TWEEENDERTIGSTE ZONDAG DOOR HET JAAR

EERSTE LEZING Wijsh., 6, 12-16

Uit het boek der Wijsheid

Stralend en nooit verwelkend is de wijsheid, gemakkelijk wordt zij aanschouwd door wie haar liefhebben, gevonden door wie haar zoeken; nog voor men haar begeert, heeft zij zich al bekend gemaakt. Wie om haar vroeg opstaat, hoeft zich niet uit te sloven, want hij zal haar vinden, zittend aan zijn deur. Peinzen over haar getuigt van volmaakt inzicht, en wie om haar wakker ligt, zal weldra vrij van zorg zijn. Want zelf gaat ze rond en zoekt die haar waardig zijn, genadig vertoont zij zich aan hen op hun wegen en bij elk overleg treedt zij hen tegemoet.

TUSSENZANG     Ps. 63 (62), 2, 3-4, 5-6, 7-8

REFREIN: Heer mijn God, naar U dorst mijn ziel.

God, mijn God zijt Gij, ik zoek U met groot verlangen.

Naar U dorst mijn ziel en hunkert mijn hart als dorre akkers neer regen.

Zo zie ik omhoog naar de plaats weer Gij woont, beschouw ik uw macht en uw glorie.

Meer waard dan het leven is mij uw genade, mijn mond verkondigt uw lof.

Ik zal U prijzen zolang ik leef, mijn handen uitstrekken naar U.

Mijn ziel wordt verzadigd met voedzame spijs, mijn mond zal U jube­lend danken.

Als ik in de nacht op mijn bed aan U denk, dan houd ik U stil in gedachte.

Want Gij zijt altijd mijn beschermer geweest, ik koester mij onder uw vleugels.

TWEEDE LEZING 1 Tess., 4, 13-18 of 13-14

Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Tessalonica

Broeders en zusters, Wij willen u niet in onwetendheid laten over het lot van hen die ontslapen zijn; gij moogt niet bedroefd zijn zoals de andere mensen, die geen hoop hebben. Wij geloven immers dat Jezus is gestor­ven en weer opgestaan; evenzo zal God hen die in Jezus zijn ontslapen, levend met Hem meevoeren. En dit kunnen wij u meedelen volgens een woord van de Heer: wij die in leven blijven tot de komst van de Heer, wij zullen de doden in geen geval voorgaan. Want wanneer het bevel gegeven wordt, als de stem van de aartsengel weerklinkt en de bazuin van God, dan zal de Heer zelf van de hemel neerdalen, en eerst zullen de doden die in Christus zijn verrijzen; daarna zullen wij die nog in leven zijn tegelijk met hen in een oogwenk op de wolken in de iucht worden weggevoerd, de Heer tegemoet. En zo zullen wij voor altijd samen zijn met de Heer. Troost elkaar dus met deze woorden.

ALLELUIA   Mt., 24, 42a en 44

Alleluia. Weest dus waakzaam, want Gij weet niet op welk uur de Mensenzoon komt. Alleluia.

EVANGELIE Mt., 25, 1-13

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

In die tijd vertelde Jezus zijn leerlingen deze gelijkenis: “Het is met het Rijk der hemelen als met tien meisjes die met hun lampen uittrokken, de bruidegom tegemoet. Vijf van hen waren dom, de andere vijf verstandig. Want de dommen namen wel hun lampen mee, maar geen olie; de verstandigen echter namen met hun lampen tevens kruiken olie mee. Toen nu de bruidegom op zich liet wachten, dommelden zij allen in en sliepen. Maar midden in de nacht klonk er geroep: “Daar is de bruide­gom! Trekt hem tegemoet!” Meteen waren al de meisjes wakker en maakten hun lampen in orde. De dommen zeiden tegen de verstandigen: “Geeft ons wat olie, want onze lampen gaan uit”. Maar de verstandigen antwoordden: “Neen, er mocht eens niet genoeg zijn voor ons en jullie samen. Gaat liever naar de verkopers en haalt wat voor jezelf”. Maar terwijl zij onderweg waren om te gaan kopen kwam de bruidegom, en die klaar stonden, traden met hem binnen om bruiloft te vieren; en de deur ging op slot. Later kwamen ook de andere meisjes en zeiden: “Heer, heer, doe open!” Maar hij antwoordde: “Voorwaar, Ik zeg u: ik ken u niet”. Weest dus waakzaam, want gij kent dag noch uur.”

Dit bericht is geplaatst in Vieringen. Bookmark de permalink.